Angst voor slecht nieuws: ‘Zijn artsen net zo positief als wij?’ – Stichting Voor Sara

Latest News

Angst voor slecht nieuws: ‘Zijn artsen net zo positief als wij?’

Emine en Bram moeten met Sara op controle in het Sophia Kinderziekenhuis. Daar heeft Sara geen zin in.

,,Waarom moet ik naar de dokter? Ik ben helemaal niet ziek’’, zegt Sara. Ik zie de schrik in haar ogen als we vertellen dat we naar het Sophia Kinderziekenhuis moeten. ,,Waarom dan? Ik vind het niet leuk bij de dokter. Ik ga niet.’’

We vertelden pas die ochtend over het ziekenhuisbezoek. Om te voorkomen dat Sara er dagen tegenop ziet. De herinneringen aan de talloze onderzoeken staan haar ondanks haar jonge leeftijd in het geheugen gegrift. Emine legt uit dat we echt moeten gaan. ,,Soms gaan we naar de dokter om te laten zien hoe goed het met je gaat. Dan kan jij laten zien wat je allemaal hebt geoefend.’’

In de auto staart Sara voor zich uit. Als ik met één hand naar achteren reik en haar been aai, pakt ze snel mijn hand beet. Stevig houdt ze me vast tot we bij het ziekenhuis parkeren.

Emine en ik zien ook op tegen de jaarlijkse controle bij de neuroloog en revalidatiearts. Vorig jaar stuurden ze ons door naar de orthopeed, omdat Sara door haar spierziekte een verhoogd risico op scoliose heeft. Na een röntgenfoto bleek er gelukkig nog geen sprake van een vergroeiing van haar rug, maar de spanning rond de onderzoeken went nooit.

De revalidatiearts constateerde toen dat Sara’s gewrichten dagelijks gemasseerd moeten worden om ze soepel te houden. Omdat ze weinig beweegt, kreeg ze spalken mee om haar kuitspieren op te rekken. Sindsdien doen we trouw alle dagelijkse oefeningen met haar.

Trots op haar vooruitgang, ben ik benieuwd naar de reactie van de specialisten. Zijn ze net zo positief als wij? De angst om toch slecht nieuws te krijgen, spookt al dagen door mijn hoofd. Zolang er geen behandeling of medicijn is voor deze zeldzame spierziekte, blijven de controles de enige houvast in een onzekere toekomst.

In de gangen van het Erasmus MC stuurt Sara behendig met haar rolstoel tussen de mensen door. Vlak voor de ingang van het Sophia Kinderziekenhuis draait ze plotseling om. ,,Ik wil niet naar binnen’’, roept ze en ze rijdt er snel vandoor. Ik versnel mijn pas en houd haar tegen. ,,Ik heb je te pakken’’, roep ik, in de hoop dat ze het als een spelletje ziet.

Eenmaal binnen kletst Sara vrolijk met de artsen. ,,Hoe heet jij?’’, vraagt ze aan de verpleegkundig specialist. ,,Ik ben Nicky’’, zegt ze. Ook bij ons valt de spanning weg zodra we merken dat de artsen tevreden zijn. Sara showt wat ze allemaal kan. Het belangrijkste advies? Zorg dat ze de oefeningen leuk blijft vinden.

Als we klaar zijn, geef ik Sara een knuffel. ,,Ik vind dat je het heel goed hebt gedaan. En het viel heel erg mee, toch?’’

Sara knikt. Ze rijdt in haar rolstoel de gang op. In de deuropening draait ze zich om en roept ze: ,,Ik ga weg. Doei Nicky!’’



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Scroll to top